Mobiliteit: ondergeschoven kindje in de verstedelijkingsopgave

Mobiliteit: er wordt veel over gesproken, maar wat wordt er concreet gedaan aan de uitdagingen die er zijn? We weten dat er voor de komende jaren in Nederland een aanzienlijke verstedelijkingsopgave ligt. De woningbouwopgave is groot en complex, terwijl er ook ruimte moet blijven voor (nieuwe) bedrijfslocaties en ruimte voor groen. Die verstedelijkingsopgave brengt met zich mee dat er slim moet worden nagedacht over het inpassen van wonen, werken, winkelen en recreëren, naast elkaar, in de stad. Dat realiseren we niet zonder goed functionerende mobiliteit.

Dit wordt ook opgemerkt in de recent gepresenteerde ‘Investeringsstrategie voor duurzame verstedelijking’ en in de uitwerking van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Helaas constateert het ministerie van I&W in het Bestuurlijk Overleg MIRT dat de stapeling van prioriteiten voor alleen al het bereikbaar houden van de Randstad vele malen groter zijn dan de middelen die beschikbaar zijn. Slimmer investeren in mobiliteit is hard nodig om voldoende woon-werk locaties te genereren.

Nationale Omgevingsvisie: blijft het bij goede bedoelingen?

In de NOVI wordt gewerkt aan een integrale lange termijn visie vanuit het Rijk op het Nederland van de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving. Op basis van een brede consultatie, ook onder marktpartijen, ontstaat een toekomstbeeld dat o.a. richtlijnen geeft voor een van de 4 hoofdopgaven: een toekomstbestendige en bereikbare woon-en werk omgeving. Wat opvalt in de NOVI voorjaarsbrief van minister Ollongren in april dit jaar is dat er marginaal wordt ingegaan op mobiliteit. Er wordt melding gemaakt van hoogwaardige stedelijke locaties voor wonen en dat deze moeten worden afgestemd met mobiliteit.

Ook vernieuwing (smart mobility) en verduurzaming worden terloops genoemd, maar nog nergens een suggestie over hoe je vraagstukken op een handige en integrale manier kunt gaan aanvliegen. Er is nog geen duidelijkheid of we in Nederland doorgaan met ‘pappen en nathouden’ of dat we echt gaan ‘voordenken’. Blijven we fileknelpunten oplossen met op de lange termijn ineffectieve maatregelen (extra asfalt) of gaan we echt werk maken van bijvoorbeeld het ‘rondje randstad’ met de uitbreiding hoogwaardig openbaar vervoer (Randstadrail)?

Wie het hardst schreeuwt… of een agenda met speerpuntprojecten?

De gemeente Utrecht vindt dat het Rijk een ‘tandje’ bij kan zetten en haar beloftes uit het Regeerakkoord moet inlossen waar het gaat om het mobiliteitsvraagstuk van de stad Utrecht. Belangrijkste wensen: een tweede intercitystation en een nieuwe OV-ring rondom de stad. Utrecht wil geen stad worden waar het verkeer altijd vaststaat. Ook vanuit Amsterdam wordt mobiliteit als groot knelpunt genoemd. Om te voorkomen dat de stadsregio onbereikbaar wordt, trekt de gemeente nu al EUR 650 miljoen uit. Ook hier wordt gehoopt op een forse bijdrage vanuit het Rijk, zodat er ook een Oost/West metrolijn kan worden aangelegd.

In Rotterdam gaat de ontwikkeling van sommige woonlocaties met te weinig tempo, omdat er geen uitzicht is op nieuwe metrostations. Iedere gemeente die onderdeel is van de verstedelijkingsopgave, richt zich tot de Rijksoverheid. Er ligt daarom een kans om vanuit de NOVI landelijke, integrale speerpuntprojecten voor gebiedsontwikkeling te formuleren. Er is daarbij afstemming nodig met de Provincies en gemeentes om samen tot een integrale visie op wonen, werken en mobiliteit te komen. De speerpuntprojecten kunnen dan als input voor het MIRT dienen o.b.v. specifieke criteria rondom relevantie en urgentie. Gemeentes kunnen zo sneller en beter inzicht krijgen op welke mobiliteitsopgaves ze ondersteuning kunnen verwachten vanuit het Rijk of de Provincies. Niet degene die het hardst schreeuwt, maar degene met de best onderbouwde vraag wordt gehonoreerd.

Hoera, een plan… maar hoe financieren we dit?

Het komen vanuit een landelijke, integrale visie (NOVI) van de Rijksoverheid voor gebiedsontwikkelingen tot een goed doordacht en regionaal afgestemd plan van speerpuntprojecten inclusief mobiliteit is geen sinecure. Als het lukt om tot een lijst van speerpuntprojecten te komen, dan resteert nog de vraag hoe hier financiële middelen voor kunnen worden gevonden. Voor het mobiliteitsdeel in dergelijke projecten is het Rijksbudget vanuit het MIRT beperkt. Tijdens de vastgoedbeurs Provada in juni kende minister Ollongren een revolverend fonds van EUR 38 mln. toe voor stedelijke gebiedstransformaties ten behoeve van woningbouw. Het is een alternatief financieringsinstrument om ontwikkelingen op lastige stedelijke locaties los te trekken. Een goed initiatief, wat iets later ook gemeentes en marktpartijen met privaat geld (beleggers) kan verleiden om financieel in te stappen in het fonds. Als je dit doortrekt, zou je kunnen nadenken over een vergelijkbaar fonds voor mobiliteitsopgaven wat aansluit bij de genoemde speerpuntprojecten.

Mobiliteitsplannen lopen altijd achter, dat kan anders

De realisatie van infrastructuur en mobiliteit loopt altijd achter op bouwplannen voor woningen en vastgoed. Dat is opmerkelijk als we bedenken dat (institutionele) beleggers goede bereikbaarheid en OV-verbindingen een belangrijk criterium vinden bij investeringsbeslissingen in gebiedsontwikkeling. Beleggers kunnen er niet op gokken dat infra er op een zeker moment wel komt. Het eerdergenoemde revolverende fonds is dus zeer gewenst. Op de bagagedrager van zo’n fonds kan er bereidheid ontstaan om bijvoorbeeld mee te investeren in een treinstation of metrohalte.

Het is voorstelbaar dat een lange termijnperspectief vanuit de NOVI in combinatie met beschikbare middelen vanuit het MIRT en een revolverend fonds ook de basis kan leggen voor het echte ‘voordenken’. Denemarken bewijst met de stad Kopenhagen dat het kan. In 1992 is er met ‘The Act on ‘Ȍrestaden’ besloten om eerst een metrolijn en stations aan te leggen, voorafgaand aan de verdere ontwikkeling en uitbreiding van de stad. Op deze wijze werden de ontwikkelingslocaties interessant voor investeerders en de grondinkomsten zijn deels gebruikt voor de bouw van de metro. Zo kan het realiseren van het ‘rondje Randstad’ met het doortrekken van Randstailrail voor nieuwe woon-werk locaties in het stedelijk gebied zorgen. Nu nog even zorgen dat niet alle beloftes uit het Regeerakkoord automatisch via het MIRT naar de aanpak van fileknooppunten gaan.


Over de auteur: Leontien de Waal

Leontien de Waal is sinds 2003 werkzaam bij Rabobank en al bijna 10 jaar in de rol van sectorspecialist bouw, vastgoed & engineering. Ze heeft regelmatig contact met bedrijven uit de gehele bouwkolom om de dialoog aan te gaan over marktontwikkelingen, trends, strategische keuzes en de (financiële) consequenties daarvan. Ook geeft ze lezingen daarover. Leontien adviseert over het te volgen commerciële beleid van Rabobank in de sector. Een persoonlijke uitdaging haalt ze uit het dichter bij elkaar brengen van businesscases van klanten en de financiële mogelijkheden die Rabobank biedt. In het bijzonder op het gebied van duurzaamheid en business model innovatie. Voor Rabobank is duurzaamheid een van de speerpunten bij zowel vastgoedfinancieringen als de financiering van bouwprojecten

Geef een reactie

Uw privacy en het gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies om de inhoud en de marketing van onze website te personaliseren, extra functies te bieden en websiteverkeer te analyseren.

Per categorie; functioneel of marketing, wordt duidelijk aangegeven waar de cookies voor dienen. U kunt zelf bepalen welke cookies aan of uit mogen staan.

Wanneer u direct op ‘Accepteren’ klikt dan gaat u akkoord met de toepassing van alle cookies binnen deze website.

Meer informatie over de verwerking van persoonsgegevens en gebruik van cookies kunt u vinden in onze privacyverklaring.

x

  • Functioneel
  • Marketing

Deze website gebruikt cookies die voor de functionaliteit van de website noodzakelijk zijn. Denk aan basisfuncties, instellingen, pagina-navigatie en o.a. toegang tot beveiligde delen van de website. Zonder deze cookies kan de website niet naar behoren werken. Deze cookies zijn verplicht om te accepteren. Gegevens die via Google Analytics worden verwerkt zijn allemaal anoniem en bevatten geen persoonsgegevens.

 

Naam Aanbieder Doel Vervaldatum Type
_ga Google Analytics Ten behoeven analyse websiteverkeer 2 Jaar HTTP
_gat Google Analytics Beperkt het aantal geregistreerde gegevens voor Google 1 Minuut HTTP
_gid Google Analytics Ten behoeven analyse websiteverkeer 1 Dag HTTP
ysdb-cookiealert bouwkennisblog.nl Bijhouden geaccepteerde cookies 1 Jaar HTTP
ysdb-cookiealert-hash bouwkennisblog.nl Bijhouden of de cookies aangepast zijn 1 Jaar HTTP

Deze website gebruikt cookies die worden gebruikt om een optimale beleving te bieden aan bezoekers. Via deze cookies kunnen we continu onze diensten versterken en verbeteren. We houden bijvoorbeeld in de gaten wat de meest favoriete pagina’s zijn. Wij maken op basis van onze cookies GEEN gebruik van advertenties. Alle gegevens zijn anoniem en niet traceerbaar naar de bezoeker.

 

Naam Aanbieder Doel Vervaldatum Type
Hotjar, _hjUserId _hjIncludedInSample Hotjar Om inzicht te krijgen in waar gekeken en geklikt wordt op onze website wordt gebruik gemaakt van Hotjar cookies. Met behulp van de gegevens die door deze cookies worden verzameld kunnen we analyseren wat er op de website gedaan wordt om de website te kunnen verbeteren. 1 Jaar HTTP