KIBU, perspectief van gezamenlijke Kennis voor de B&U

De grote maatschappelijke bouwopgaven in de komende decennia zijn door de gezamenlijke stakeholders in de sector benoemd en op 28 maart jl. zichtbaar gemaakt middels presentatie van de Bouwagenda. De haalbaarheid van die bouwopgaven staat of valt met de ontwikkeling en toepassing van slimme en innovatieve concepten. Het is de ambitie van de Bouwagenda om de ontwikkeling en toepassing van slimme en innovatieve concepten een impuls te geven.

Behoefte aan kennis

Om deze ambitie en doelstellingen van de Bouwagenda te faciliteren is een brede basis van generieke en specifieke kennis noodzakelijk. Kennis die op een gestandaardiseerde en transparante manier wordt ontwikkeld, beheerd en beschikbaar gesteld. Informatie die getoetst is op betrouwbaarheid, hervindbaarheid, herbruikbaarheid en juridische correctheid. Dit alles draagt bij aan een level playing field voor alle partijen waarmee innovatie breed wordt gestimuleerd en versneld.

Er is behoefte aan voor iedereen toegankelijke informatie over bijvoorbeeld normen, wet- en regelgeving, productinformatie en technische beschrijvingen van gebouwen en installaties. Daarnaast is er behoefte aan een uniforme wijze om deze informatie met elkaar te delen en gedurende de gehele levenscyclus van een bouwwerk te beheren en toegankelijke te houden. Bij voorkeur in een door iedereen begrepen formaat, in één taal en met verwijzingen naar relevante documentatie.

In het kader van de Wet Kwaliteitsborging en de Omgevingswet is het bijhouden van een “gebouwdossier” essentieel. Juist hier verdient het de voorkeur dat er één uniforme wijze bestaat waarop een dergelijk dossier wordt samengesteld.

Huidige situatie

Kennis is zeer versnipperd binnen de bouwnijverheid. Vele kennis organisaties leveren elk een deel van de benodigde informatie. Het is voor veel gebruikers onduidelijk wie wat levert en waarom. Er is overlap, verwarring en concurrentie. Daarnaast zijn de kosten hoog omdat marktpartijen op meerdere plekken betalen voor overlappende zaken.

Noodzaak tot verandering

De noodzaak tot herstructurering van de kennis infrastructuur is dus duidelijk. Het is nu tijd om stappen te nemen. In het kader van de Bouwagenda heeft een aantal kennis instituten de ambitie uitgesproken om kennis, ervaring en capaciteit efficiënter te bundelen en beter toegankelijk te maken voor de markt. Samen te gaan werken door betrouwbare digitale informatie te leveren voor zowel ontwerpen, contracteren, calculeren, realiseren, opleveren, exploiteren, beheren & onderhouden, renoveren & restaureren en slopen. Kennis content vanuit verschillende databases benaderbaar maken middels standaard classificaties. Het gevalideerd koppelen van deze informatie aan platforms die geschikt zijn als project- en gebouwdossier. Naar behoefte van en in samenwerking met de gebruikers/bedrijven/etc. zal worden bepaald aan welke kennis behoefte is. Dit zal de basis zijn voor de (door)ontwikkeling van het kennisaanbod.

Dit past binnen het streven om te komen tot een Nationale Bouw Informatie Infrastructuur (NBII) en draagt daarmee bij aan de doelstelling: betere benutting van digitalisering en informatisering is een belangrijke ‘aanjager’ in het mogelijk maken van een productiviteitsprong. (1) Deze ambitie zorgt voor een publiek-private digitale infrastructuur die het mogelijk maakt om sturing te geven aan de maatschappelijke vraagstukken in de Bouwagenda. Waardevolle kennis en ervaring uit bestaande instituten wordt opnieuw ingericht en verder ontwikkeld vanuit een ketenbrede regie waar overheid, opdrachtgevers en opdrachtnemers gezamenlijk het voortouw in nemen.

Succesfactoren

Dit alles is niets nieuws onder de zon. Meerdere initiatieven zijn afgelopen jaren opgestart om te komen tot meer samenwerking en afstemming tussen diverse kennis instituten in de sector. Sterker nog, al ruim tien jaar geleden zijn er ook pogingen gedaan. Waarom hebben deze initiatieven niet het gewenste resultaat opgeleverd kunt u zich afvragen. En waarom zou het nu wel lukken? Ik zie een aantal kritische succesfactoren waaraan voldaan moet zijn om de kans van slagen dit keer groter te maken:

1. Er moet een heldere visie komen op kennis in de bouw. Deze lijkt er dit keer te zijn, vanuit de Bouwagenda, die gesteund wordt door de grote branche organisaties in de sector.
2. Kennis instellingen moeten uit hun ivoren toren. Met een nieuwe generatie bestuurders en directeuren worden koninkrijkjes langzamerhand afgebroken en is er een intrinsieke wens ontstaan om samen te werken.
3. Bij de instellingen zelf moet een gevoel van urgentie zijn. Ook dit zie ik bij diverse instituten ontstaan. Het besef dat niemand het alleen kan, dringt door bij iedereen. De vraag vanuit de markt en de houding ten opzichte van de “klassieke” instituten verandert en businessmodellen zijn achterhaald. De noodzaak tot heroriëntatie op de eigen propositie geldt dus inmiddels bij vele van de kennis instellingen.
4. Het initiatief moet om kans van slag te hebben, bij de kennis instellingen zelf liggen, of minimaal moeten zij goed betrokken zijn bij de verandering. Meerdere malen wordt er vanuit de bouwpolitiek óver de hoofden van de instellingen heen iets besloten. Nieuwe overkoepelende instituten worden opgericht, die vervolgens zelf één van de vele instituten wordt en gaat concurreren met de bestaande. Met dus als direct resultaat dat geen echte verbetering van de grond komt. Men werkt mee omdat het zo hoort, maar een echt succes wordt het niet, omdat de instellingen weinig tot geen invloed hebben (gehad). Momenteel loopt een aantal initiatieven vanuit de instellingen zelf tot meer samenwerking en gesprekken over de mogelijkheden daartoe. Wanneer hier goed op aangehaakt wordt door bestuurlijke instanties en de “bouwpolitiek” dan kan dat als hefboom gaan werken.

Ongetwijfeld zijn er nog meer succesfactoren te bedenken of kunnen kanttekeningen worden geplaatst bij bovenstaande. Ik daag u uit om uw mening te geven en mee te denken met de broodnodige verandering in de bouw op dit vlak. Ik ben benieuwd naar uw reactie…


Over de auteur: Marc Verhage

Marc Verhage werkte tot de zomer van 2018 5,5 jaar bij STABU als Algemeen Directeur. Namens STABU was hij ondermeer medeoprichter en bestuurslid bij het BIM Loket. Na een korte periode bij een jonge onderneming die BIM modelleer diensten levert, werkt hij nu bij Contakt Consulting. Contakt is een adviesbureau dat reeds 20 jaar succesvol is in de retail en sinds een paar jaar ook in de bouwsector. Contakt biedt haar diensten aan rondom digitalisering van organisaties en processen. Zo is Contakt ondermeer betrokken bij de Digideal en het Digitaal Stelsel Gebouwde Omgeving (DSGO), bij de implementatie van de Wet Kwaliteitsborging voor de Bouw (WKB) bij de VNG en bij het opzetten van het Centraal Register Techniek (waaronder het “vakpaspoort” valt). Marc Verhage is sinds hij in de bouwsector actief is geworden, zo’n 8 jaar geleden, betrokken bij nieuwe manieren van samenwerken in de bouw zoals Lean Bouwen en BIM. Hij heeft bij een installateur gewerkt, bij een liftenbedrijf, STABU en nu bij Contakt. Daarvoor werkte hij achtereenvolgens als marineofficier, bij KPN en bij diverse consultancybedrijven in de ICT en Telecom. Bij Contakt is Marc verantwoordelijk voor business development en is hij actief als consultant bij diverse klanten in de sector waaronder ICOP die het product “BriefBuilder” op de markt aanbiedt. BriefBuilder is hét tool om (programma van ) eisen vast te leggen, te verifiëren en te beheren. Marc schrijft blogs over diverse onderwerpen in de sector, maar altijd met verandering als centraal thema.

Geef een reactie