Internet of Things: apparaten een mondje geven

Internet of ThingsGisteren vond alweer de vierde en laatste BusinessClub van 2017 plaats. Het centrale thema van de ontbijtsessie was Internet of Things. Zoals gebruikelijk startten we de ochtend met een update van de nieuwste productiecijfers, die ongehoord positief zijn. Daarna deelden twee externe sprekers hun expertise met de bezoekers. In dit blog lees je de terugblik.

Ongehoord positief

Dit keer presenteerde Walter Manshanden van NEO observatory de bouwproductiecijfers. Hij trapte af met: “U gaat vandaag waarschijnlijk een ongehoord positief verhaal horen” en dat was ook zo. Het sentiment is namelijk echt gedraaid. Het afgelopen jaar was de verwachte groei nog 1,7%, maar nu komt het CPB met een groei van 3,3%. Deze groei wordt gedragen door zowel de binnenlandse als de buitenlandse bestedingen. Ook het consumentenvertrouwen staat hoog, we hebben de piek van het jaar 2000 nog niet bereikt, maar vooralsnog stijgt het vertrouwen nog steeds. De woningbouw herstelt krachtig, de sector werkt hard aan de inhaalvraag. De vraag blijft toenemen, maar in de aanbodzijde zien we een aantal knelpunten waardoor het aanbod krap blijft. De toekomst ziet er positief uit: er komt meer werkgelegenheid. Er is een sterkte trend om in de stad te blijven wonen en hierdoor ligt de focus dus op binnenstedelijke projecten. De huizenprijzen blijven toenemen door de schaarse grond. Concluderend kunnen we stellen dat de bouwsector structureel aan het herstellen is. Het aantal nieuwe woningen zal toenemen, beperkingen ontstaan uit het gebrek aan ruimte, de financiering van banken en de verzadigde kantorenmarkt. Per saldo is het dus een zeer positief beeld, maar niet zo’n driftige groei als we in het verleden hebben gezien.

Hoe moeten gebouwen intelligent worden?

Hier weet Hugo Jansen van bGrid het antwoord wel op. In 2020 zijn er 30 miljard apparaten gekoppeld aan de cloud. Deze devices genereren allemaal data, dat betekent dat er een enorme hoeveelheid aan data beschikbaar komt. Hier kun je angstig voor zijn, maar je kunt het ook omarmen. Uit onderzoek van Microsoft blijkt dat bedrijven die het omarmen en deze data gebruiken voor hun eigen business case vele malen succesvoller zijn dan bedrijven die dit niet doen.

Internet of Things kan een enorme impact op de bouwsector hebben. Denk bijvoorbeeld aan kantoren die je kunt bedienen met een soort Uber app. Je kunt hierdoor efficiënter omgaan met de vierkante meters van een kantoorgebouw. Zo’n app helpt je bij het vinden van een beschikbare werkplek, het zoeken van collega’s of het vinden van vrije vergaderzalen. Daarnaast draagt het ook bij aan de duurzaamheid van een gebouw. Door deze data is bekend welke ruimtes zijn gebruikt en daardoor hoeft niet het hele gebouw schoongemaakt te worden. Wel moeten we uitkijken dat we niet naar een Internet of too many things gaan. We kunnen al wel heel veel, maar de uitdaging ligt in het managen ervan.

bGrid implementeer een grid van nodes, die onder andere de temperatuur, luchtvochtigheid, geluid, licht CO2 en de aanwezigheid kunnen meten. Met de data die hieruit voortkomt kunnen ze het gebouw slim aansturen. In een building operation system komt al deze data samen. Hier doen zij slimme analyses en kunnen ze op basis van deze data ook voorspellingen doen. Dit resulteert in enorme besparingen op het gebied van onderhoud, maar ook in schoonmaakkosten. Daarnaast wordt het personeel meer tevreden, vanwege het prettige binnenklimaat.

De stad van de toekomst

Eigenlijk is de stad van de toekomst nu al, want door het internet is de stad heel erg aan het veranderen. De smart city wordt altijd gepresenteerd als een keuze, maar dat is het eigenlijk niet. We worden smart, of we dat nu willen of niet. Dat Google ons beter kent dan onze eigen vrienden vindt Jan-Willem Wesselink van de Future City Foundation freaking eng. We zijn op weg om een netwerksamenleving te worden, een Internet of People. Ruimtes hebben namelijk geen exclusiviteit meer op kennis, alles wordt online gedeeld. Je kunt bijvoorbeeld thuis op de bank een televisieprogramma kijken en via Twitter deelnemen aan een discussie over dit programma.

Door die netwerksamenleving worden we ongekend flexibel, want alles kan last minute. We kunnen inzichten met elkaar delen en dat verandert de economie. Ook samenwerken wordt anders, in plaats van stap voor stap is het nu meer parallel. Als je overal alles kan doen, waarom kies je dan nog voor een bepaalde ruimte? Het gevolg is dat we alleen nog maar naar plekken gaan waar we ons fijn bij voelen. Plekken zijn hierdoor niet meer generiek.

Er is ook een minder leuke kant aan de ontwikkelingen van IoT, want we moeten gaan nadenken of we wel willen dat onze gegevens zo maar verzameld worden. Wat gebeurt er bijvoorbeeld als data gehackt wordt? Zijn we wel beveiligd tegen cyberattacks? Het is van belang dat we beginnen bij de privacy en veiligheid van onze gegevens. We moeten met elkaar in een soort bouwbesluit beslissingen maken voor de smart city, voordat we allerlei smart things gaan bedenken die dingen gaan doen die wij niet willen.

Visual content

De volgende editie van de BouwKennis BusinessClub gaat over visual content en vindt plaats op donderdag 15 februari 2018. Wil je hierbij zijn? Meld je dan nu aan via de onderstaande knop:

Aanmelden


Over de auteur: BouwKennis Redactie

Naast artikelen van vaste bloggers en gastbloggers, vind je op het BouwKennisBlog diverse artikelen uit de pen van de redactie van BouwKennis. Deze inhoudelijke artikelen gaan vooral over onderwerpen binnen of buiten de bouwbranche die stuk voor stuk van grote invloed zijn op het beleid en de dagelijkse praktijk van ondernemingen die werkzaam zijn in de bouw-, vastgoed- en installatiesector. Denk hierbij aan de economie, demografie en woning- en utiliteitsbouw. Zoals je van BouwKennis gewend bent, worden deze onderwerpen gevat in weldoordachte, goed onderbouwde artikelen die duidelijk maken in welke richting de sector echt beweegt.

Geef een reactie