Help, ik woon in een house wide web!

Vandaag wordt ons huis volgestopt met allerlei intelligente draadloze oplossingen. Philips Hue, Sonos, Google nest, wifi camera’s en andere draadloze producten zijn niet meer weg te denken uit onze woningen. Binnenkort zijn ook onze koelkast, oven, wasmachine, verlichting en alle mobiele toestellen onderdeel van een groot thuisnetwerk: het “house wide web”.

Nog even en we bestellen onze boodschappen via de Amazon Dash Button die automatisch een order plaatst bij Amazon als ons waspoeder bijna op is. Maar tegelijkertijd is onze privacy in het geding. Al deze apparaten vormen één groot netwerk van sensoren die je gedrag en dat van je gezin volledig in kaart brengt. Ons gedrag ligt straks vast in een grote bundel van metadata! Moeten we deze technologie omarmen of wantrouwen?

De toekomst is aan Internet of Things

De verwachtingen zijn dat er in 2020 wereldwijd maar liefst 50 miljard apparaten met het internet zijn verbonden. Dat groeit door naar zo’n 100 miljard apparaten in 2025! Al deze verbonden apparaten, ook wel het Internet of Things genoemd, bieden ons als individu meer veiligheid, comfort, en indien nodig zorg op afstand. Daarnaast kunnen alle sensoren en apparaten ons voortdurend inzicht geven in onze gezondheid. Ook het milieu profiteert. Met Internet of Things zal het verbruik van grondstoffen en energie afnemen en evolueren we uiteindelijk naar smart city’s. Maar is dat het ons allemaal waard, als we weten dat big brother ons feilloos in de gaten kan houden? Wie beveiligt het Internet of Things?

Veilig omgaan met metadata zou prioriteit moeten hebben

Hoe voorkomen we dat er geen misbruik wordt gemaakt van alle verzamelde data? Apple en de FBI maakten onlangs ruzie over het ontgrendelen van een iPhone van een verdachte. Als dat achterdeurtje opengaat heeft men toegang tot alle apparaten in het huis die zijn verbonden met deze telefoon. Uit Snowden is gebleken dat de overheid toegang heeft tot je webcam en straks wellicht ongezien je wifi-beveiligingscamera’s gebruikt om mee te kijken. De VPRO serie “Mr. Robot” gaf onlangs het mogelijke gedrag weer van meester-hackers. De hoofdrolspeler weet feilloos alle gegevens van bepaalde personages boven tafel te krijgen.

Bron: MOTI Breda

Iets om je ongerust over te maken?

Jongeren liggen er niet wakker van. Zolang deze nieuwe technologie het leven in huis vergemakkelijkt en aangenamer maakt, vinden ze het wel best. Tot nu toe wordt er ook nog maar 0,5 procent van alle wereldwijde data geanalyseerd. Maar juist vanuit de kunst en cultuurhoek klinken kritische geluiden. Verschillende kunstenaars hebben nagedacht hoe zij hun gegevens kunnen beveiligen door een verdergaande vorm van encryptie, te bedenken onder de noemer crypto design.

Zo is er een “TrackMeNot” browser add-on bedacht door designers Howe, Nissenbaum en Toubiana waardoor Google je gedrag online niet meer kan volgen. Er zijn onder de projectnaam ransomnote.py encrypties ontwikkeld op basis van favicons (meest gedownloade beelden op het internet) om veilig berichten uit te wisselen. Zelfs het eeuwenoude rooksignaal is door Dennis de Bel vertaald naar een klein apparaatje op je telefoon onder de titel SMS 2.0. Speciale kleding en paraplu’s worden ontworpen die er voor moeten zorgen dat je niet wordt gevolgd door sensoren op straat. Zo zullen creatieve geesten uit de kunst en cultuur zorgen voor evenwicht in de wereld van big brother.

Nederlandse meterkast nog niet ingericht op Internet of Things

Hoe bereid ik mijn huis voor op Internet of Things?

Als je dan toch overtuigd bent van de voordelen van het “house wide web” en je je geen zorgen maakt over je privacy, moet je er natuurlijk wel voor zorgen dat alle apparaten blijven werken in het geval van een stroomstoring. Zeker voor zorg op afstand spreken we over kritische verbindingen die niet mogen wegvallen. Op dit moment zijn er zo’n 150.000 storingsmeldingen per week in Nederland, goed voor zo’n 65 – 70 miljoen euro aan kosten per jaar. Het is nu al een kabelwirwar in veel meterkasten!

De elektrotechnische installatie zal dus mee moeten groeien. Gelukkig is stichting Kien samen met de NEN bezig met het ontwikkelen van een Nederlandse Praktijkrichtlijn (NPR) voor “internet in de woning”. Hierin wordt onder andere vastgelegd dat de router bij stroomuitval minimaal vier uur moet kunnen blijven werken door middel van een UPS. Hiervoor moeten alle routers en componenten op een aparte eindgroep geschakeld worden en er moet voldoende bandbreedte beschikbaar zijn in de woning. Alleen dan kunnen we ook echt genieten van de voordelen van Internet of Things.


Over de auteur: Frans Spijkers

Frans Spijkers is als marketeer al meer dan 20 jaar actief in de bouw- en installatiebranche. Vanuit zijn rol als digital officer is hij specifiek betrokken bij verschillende digitaliseringsprojecten binnen Legrand Noord Europa, als ook daarbuiten. Hij is lid van het Bouwkennis Marketing Installatie Platform, vertegenwoordigt Legrand binnen de FEDET op het vlak van digitalisering en is bestuurslid van Ketenstandaard Bouw & Installatie.

Geef een reactie