Gouden tips voor succes met integraal bouwen

‘Als je supergespecialiseerd bent, begeef je je op grote afstand van de eenvoudige bewoner.’

Aan sommige producten worden kenmerken toegekend, die niet met feiten kunnen worden gestaafd. Zo was er een margarinefabrikant, die aan het gebruik van zijn broodbeleg een verbetering van intellectuele capaciteiten toeschreef.

In de bouwsector is het belang van een integrale aanpak ontdekt. Dat brengt aanbieders van diensten en producten ertoe aan hun aanbod het label ‘integraal’ toe te kennen. Dat is niet altijd terecht. Zo zou een integrale gebiedsvisie kunnen betekenen dat bij de ontwikkeling daarvan alle betrokken belangen evenwichtig zijn afgewogen. Een integraal ontwerp zou kunnen leiden tot de gedachte dat alle mogelijke gezichtspunten daarbij zijn betrokken. Kunnen dergelijke pretenties worden waargemaakt? Dat valt te bezien.

Integraal, maar niet helemaal

Juist door de fragmentatie van een bouwproces struikelt een integrale aanpak vaak al in de kinderschoenen. De hiërarchische verhoudingen zijn een obstakel voor de gelijkwaardigheid tussen partijen, die juist essentieel is om tot integratie te komen. Hoe gaat dat in de klassieke praktijk? De opdrachtgever bepaalt. De architect ontwerpt. Het ingenieursbureau rekent. De aannemer neemt het totale werk aan. De installateur zorgt voor kabels en leidingen. De stukadoor werkt alles af. De gebouwbeheerder neemt de sleutel in ontvangst en zorgt voor goed gebruik. De eindgebruiker heeft in zo’n benadering weinig of niets in te brengen. Omdat het altijd zo gegaan is, komt een meer integrale aanpak maar moeilijk van de grond. Dit zien we ook bij een actueel vraagstuk als de ventilatieproblematiek in de woningbouw. Zodra er iets fout gegaan is, wijzen alle partijen naar elkaar. Uit schrik voor eventuele schadeclaims dekken alle partijen de risico’s af, waarmee de desintegratie volledig is. Leveranciers van ventilatiesystemen sluiten de gelederen rond een keurmerk, zonder dat andere bouwpartners bij het ontwerp daarvan gehoord zijn. Ondertussen roepen alle betrokkenen dat een integrale aanpak tot een oplossing kan leiden.

Tussen zeggen en doen is nog een lange weg te gaan

Van echte integratie is sprake, als het klassieke ontwerpdomein op drie punten verruimd is. Dat behoedt voor bekrompenheid en opent vergezichten. In de eerste plaats is een vormgericht ontwerp vervangen door een functiegericht ontwerp. In de tweede plaats wordt niet alleen met oprichtingskosten gerekend, maar met levensduurkosten. In de derde plaats is er geen monodisciplinaire, maar een multidisciplinaire werkwijze gevolgd. Als aan één van deze drie aspecten niet voldaan is, is de voorgestane integratie niet volledig serieus genomen. Dan kun je het toch wel integraal noemen, maar dan is het ’t niet helemaal. En als iets ’t niet helemaal is, dan is het helemaal niets. Dan kun je er beter niet aan beginnen. Als je iets pretendeert, behoort het ook waargemaakt te worden. Het is te gemakkelijk om ergens een integraal sausje over te gieten, als het hoofdgerecht niet is samengesteld op ingrediënten die bij elkaar passen en elkaar versterken. De kracht van integratie is juist dat dingen mogelijk worden, die bij een monodisciplinaire benadering ondenkbaar zijn. We denken al te gemakkelijk en al te vaak vanuit ons eigen straatje.

Zo zijn we opgeleid

Dat hebben we zo geleerd. Het schoolonderwijs bestaat al uit een verzameling vakken. Al op jonge leeftijd kiezen we een vakkenpakket. Daarmee sorteren we voor op een latere beroepskeuze. We specialiseren ons op een klein deelgebied en raken snel het overzicht kwijt. Als dan juist integratie de toekomst is, missen we de boot. Opvallend is dat veel vakspecialisten bij hun afscheid of pensionering de kreet slaken dat zij, achteraf gezien, het beter anders hadden kunnen doen. Meer hadden kunnen openstaan voor inzichten uit andere beroepsdomeinen. De verkokering leidt tot een verknipt beeld van de werkelijkheid en ontkokering leidt tot realistische oplossingen in een verknipte wereld. Mensen vragen om eenvoudige toepassingen, waarmee zij gemakkelijk kunnen omgaan. Als je supergespecialiseerd bent, begeef je je op grote afstand van de eenvoudige bewoner. Als je die bewoner dan toch in zijn primaire behoeften wilt raken, is samenwerking het parool. Om te kunnen samenwerken is oog voor je eigen mogelijkheden en beperkingen nodig. De mogelijkheden kun je verzilveren, de beperkingen benoemen. Dan gooien we onze beperkte deeloplossing niet over de schutting, maar dan kijken we over de schutting, klimmen erover heen of breken deze af. Dan ontstaat ruimte waarbinnen we samen met andere disciplines komen tot echte integratie.

Zeven gouden tips voor succes met integraal bouwen
  1. De architect is niet automatisch de regievoerder over het bouwproces. Echte regie vraagt oog voor samenwerking.
  2. Gebruik het begrip ‘integraal’ niet als etiket op deeloplossingen, alleen om eventuele schadeclaims af te weren.
  3. Als we niet in een vroeg stadium van het proces komen tot samenwerking, is samenwerking een luchtkasteel.
  4. Bedenk of je bij de ontwikkeling van een integraal bouwconcept kunt samenwerken met bouwpartners, waarmee je eerder in de traditionele bouwpraktijk hebt samengewerkt.
  5. Als afkijken niet mag, hoe kunnen we dan profiteren van elkaars kennis?
  6. Zetten we de betrouwbaarheid van onze beroepsgroep op het spel, als we komen tot multidisciplinaire samenwerking?
  7. Stel de gezamenlijke focus scherp op de eisen en wensen van de eindgebruiker, dat geeft energie voor optimale afstemming.

 


Over de auteur: Piet M. Oskam

Piet M. Oskam, oprichter/directeur Centrum voor Innovatie van de Bouwkolom (CIB) in Zeist. Boegbeeld van vernieuwing in de bouwsector. Sterke visie op de voordelen en gevolgen van procesintegratie voor marktpartijen in de gehele bouwkolom. Kiest positie en laat de gevestigde orde op de grondvesten trillen. Loopt niet weg voor weerstanden en bezwaren. Typische ondernemer met een eigenzinnige kijk op vernieuwing. Loopt voor de muziek uit, maar weet dat anderen achter deze muziek aankomen. Initiator van baanbrekende bouwconcepten, waarvan vele marktpartijen uit alle schakels van de bouwkolom de vruchten plukken. Piet M. Oskam is een gedreven en bevlogen spreker over innovatieve thema’s en staat garant voor een boeiende interactie met de toehoorders en deelnemers aan bijeenkomsten. Treedt op verzoek op bij bouworganisaties en vastgoedsociëteiten met spraakmakende presentaties. In talrijke tijdschriftpublicaties heeft hij vele facetten van het bouwproces belicht. Oskam is vaste columnist van het dagblad Cobouw. Ook in boeken heeft Oskam blijk gegeven van zijn inzicht in innovatieve bouwprocessen. In 2009 verscheen van hem bij de Regieraad Bouw ‘Bouwen is het creëren van kansen’ en in 2011 publiceerde Sdu Academic Service van hem ‘Bouwen met vertrouwen’. Vanaf de start levert hij inhoudsvolle bijdragen aan BouwKennisBlog.

Geef een reactie